Het Verdronken Land van Saeftinge
Het schorrengebied in oostelijk Zeeuws-Vlaanderen dat Verdronken Land van Saeftinge wordt genoemd, vormt een kaal landschap van ruig begroeid zand en slik. Onder het slik liggen volgens de overlevering zes dorpen, waarvan Saeftinge er één was. Ze werden door de zee verzwolgen tijdens de Allerheiligenvloed van 1570, toen de dijken waren verwaarloosd door geldgebrek als gevolg van de opstand tegen Spanje. Het Verdronken Land Saeftinge is één van de laatste levende schorrengebieden in ons land. Diverse delen worden op verschillende manieren begraasd, waarbij elk type beweiding een eigen kenmerkende invloed heeft op de vegetatie-ontwikkeling. Het brakwatergetijdengebied bestaat uit platen die worden doorsneden door een grillig patroon van kreken en prielen. Langs de kreken hoopt het slib zich op tot oeverwallen: in het midden van de platen liggen komvormige laagten die vaak onder water staan. Op de schorren trokken van oudsher schaapskuddes rond. Op kunstmatige heuvels, in Zeeland 'stellen' genoemd, staan de schaapskooien.
Na zeer hoog water stroomt het water via prielen met grote snelheid terug naar zee, waardoor uitschuring optreedt. Als het water minder hoog staat is de stroomsnelheid ook geringer, zodat er meer slib of zand kan achterblijven. Bij prielen die oost-west lopen, treden grote temperatuurverschillen op tussen de beide steilwanden. De noordkant krijgt meer zon en heeft een grotere gemiddelde temperatuur waardoor bij eb vaak uitdroging optreedt. Hierdoor ontstaan soms zoutkorsten. Het 3.000 hectare grote natuurgebied is in beheer bij de Stichting Het Zeeuwse Landschap.